Coronacrisis: draaiboek voor instellingen / mondelinge vraag aan minister M. De Block

Door Frieda Gijbels op 21 maart 2020, over deze onderwerpen: coronavirus (SARS-CoV-2) en COVID-19, Volksgezondheid

21/03/20

Geachte Mevrouw de Minister,

In het kader van de coronacrisis bereiden artsen, verpleegkundigen en ander verzorgend personeel zich voor op een toename aan Covid-positieve patiënten.

Ook in instellingen allerhande worden voorbereidingen getroffen op wat mogelijk komen gaat. Vaak kunnen of willen de bewoners niet meer naar een ziekenhuis worden getransporteerd bij ziekte.

Het is belangrijk dat artsen en andere zorgverstrekkers worden ondersteund in deze moeilijke periode, zodat ze zich ten volle kunnen toeleggen in het bijstaan van patiënten.

Daarom zou ik volgende vragen willen stellen:

  • Is er een handleiding beschikbaar voor de artsen die in instellingen allerhande werkzaam zijn, zodat zij de nodige materialen (beschermingsmaterialen, infusen, trousses, medicatie (voor sedatie)…) in huis kunnen halen om patiënten zo goed mogelijk te begeleiden in hun ziekteproces en zodat zij de juiste procedures in gang kunnen zetten als nodig?
  • Is er een plan om ervoor te zorgen dat artsen en zorgpersoneel kunnen bijspringen vanuit andere instanties, instellingen of disciplines als nodig?

 

 

07/04/2020

Minister De Block: 

(...)

Van bij het begin van de crisis hebben we ons op drie zaken geconcentreerd. Dat was, ten eerste, de gewoonten veranderen, zoals de contacten verminderen, meer handhygiëne en afstand houden, om het aantal besmettingen te proberen beperken en dus de curve naar beneden te halen. We hebben ter zake ook een hele sensibilisering georganiseerd. Een tweede prioriteit was het verkrijgen van het geschikte beschermingsmateriaal. Dat was een echte uitdaging omdat gaandeweg heel veel schaarste op de internationale markten is gekomen. Gelet op zijn opleiding was collega Philippe De Backer zo vriendelijk om de taskforce op zich te nemen, wat een gigantisch werk betekent. Ten derde, wij wilden onze gezondheidszorg voor een worstcasescenario klaarmaken. Dat betekende de capaciteit in onze ziekenhuizen maar ook daarbuiten verhogen, een spreidingsplan opstellen om de intensieve diensten te ontlasten en een reserve aan zorgverstrekkers opbouwen voor het moment waarop de nood het hoogst zou zijn, dus wanneer er ook bij de zorgverstrekkers zieken zouden vallen.

Ik ga wat verder. In het derde element hebben wij heel veel werk gestoken. Dat loont echter ook. Er komt immers dagelijks een Comité Hospital & Transport Surge Capacity samen met vertegenwoordigers van alle overheden maar ook van de ziekenhuiskoepels, het Wetenschappelijk Comité en andere experts. Van die samenkomsten wordt een rapport opgesteld. Het comité stelt ook principes op voor de spreiding van de COVID-19-patiënten. De groep werkt zeven dagen op zeven om de capaciteit aan bedden in onze ziekenhuizen beschikbaar te houden, ook intensieve bedden en bedden met respirator, en die capaciteit telkens te meten. Op datum van 6 april, gisteren, waren er nog steeds 13.328 bedden beschikbaar in onze ziekenhuizen, waarbij de intensieve zorgen voor 56 % bezet waren. Er zijn extra bedden vrijgemaakt. Wij denken dat het aantal mensen dat op intensieve zorgen terechtkomt nog wel een aantal dagen zal stijgen, al verloopt de stijging momenteel toch wel veel langzamer dan in de beginperiode. Wanneer een ziekenhuis ons een bezetting van meer dan 50 % gemeld heeft, dan zorgen wij dat het klaar is voor de volgende stap.

Bij een bezetting vanaf 75 % wordt eerst binnen het eigen ziekenhuisnetwerk doorverwezen, vervolgens in de provincie en daarna eventueel buiten de provincie. Hetzelfde doen wij ook voor de intensieve zorgen. Wij hebben aan de ziekenhuizen gevraagd om alle niet-spoedeisende zorgactiviteiten op te schorten, zodat het personeel zich op de COVID-19-patiënten kan richten. Patiënten moeten echter hun zorg niet uitstellen, want dat zou gevaarlijk zijn. Ook hebben wij een reserve aan zorgverstrekkers opgebouwd. Een koninklijk besluit dat nu bij de Raad van State voorligt, bepaalt dat een aantal mensen mee betrokken kunnen worden in de geneeskundige zorg, waarbij het ziekenhuis de verantwoordelijkheid opneemt voor de regeling. Voor de studenten moeten er een goede omkadering, duidelijke protocollen en continue supervisie zijn. Wij hebben maatregelen genomen opdat studenten ingeschakeld kunnen worden met inachtname van de nodige voorzorgen. Bij artsen, psychiaters, logopedisten, kinesitherapeuten en tandartsen hebben wij consultaties per telefoon of video call in voege laten treden. Een consultatie per telefoon of video call kent natuurlijk beperkingen, maar de patiënt kan wel alvast een gesprek aangaan met degene die hem of haar verzorgt. We hebben in deze mogelijkheid ook voorzien voor diabetologen, psychologen en verschillende andere beroepen.

(...)

 

Voor meer details m.b.t. het antwoord van de minister verwijzen wij naar het Integraal verslag van de Commissie voor gezondheid en gelijke kansen, 07/04/2020, CRIV 55 COM 138, te vinden op https://www.dekamer.be/doc/ccri/pdf/55/ic138.pdf#search=%2255003983c%22 

Hoe waardevol vond je dit artikel?

Geef hier je persoonlijke score in
De gemiddelde score is